1 april
Case
Xuansha was een leerling van Xuefeng. Nadat hij lang bij Xuefeng gestudeerd had, voelde hij de aandrang om zijn studie bij andere leerlingen verder te zetten. Hij was nog maar net het klooster uit of hij stootte zijn teen tegen een steen. Bloedend en vervuld van pijn bedacht hij oprecht: “Als dit lichaam niet echt bestaat, waar komt de pijn dan vandaan?” Hij keerde meteen terug naar Xuefeng, die hem verrast vroeg:
“Wat krijgen we nu?”
Xuansha antwoordde: “Niemand bedot mij nog.”
Kort
Wat is 'bedot worden'? En wat is 'niemand'?
Iets langer
Dit is een heel bekend zenverhaaltje. Dankbaar ook. Je kunt er makkelijk mee scoren bij een publiek. Het heeft een zeker slapstick-gehalte, en het lijkt lekker leuk de bekende zenboodschap te brengen dat verlichting door middel van filosofische concepten niet opkan tegen de verlichting door plotse ervaringen. Maar welk concept wordt hier nu doorprikt?
Xuansha en Xuefeng kwamen we al tegen als zenkoppel. In hun gesprekken heeft Xuefeng Xuansha meestal al lang geleden tot zenmeester verklaard en hebben ze vriendelijk, maar ietwat competitieve gesprekken, waarbij Xuansha zich vaak als de meer realistische van de twee toont. Ik stel me voor dat het voorval met de steen daarvan aan de oorsprong ligt.
In dit verhaal is Xuansha nog leerling van Xuegeng. Het feit dat Xuansha de tempel verlaat om elders te gaan studeren is niet zo ongewoon. Dat deden en doen boeddhisten wel vaker. Net zoals het niet zo bijzonder is dat iemand die op strosandalen rondloopt zijn teen pijnlijk stoot tegen een steen op de weg. Maar de vraag die bij Xuansha opwelt, en waarvan zo ostentatief vermeld wordt dat ze 'oprecht' is, is wel bijzonder. Ik vermoed dat Xuansha bij Xuefeng, die een nogal filosofisch aangelegde leraar was, gehoord had dat alles 'leeg' is. En dat in zekere zin dus niets echt bestaat. Ook ons 'ik' niet. Het is één ding om dat onderricht te horen, daarop te zitten mediteren in een klooster, en op te gaan in zelfloze ervaringen. Het is een ander ding om te onderzoeken wat dit concreet betekent in je gewone, dagelijkse leven. Xuansha had de tempel nog maar net verlaten, of het gewone leven deed meteen geweldig veel pijn.
Hij had zich dat kunnen beklagen. Dan was hij zoals de meeste mensen geweest. Hij had zich helemal kunnen onthechten van de pijn. Dan was hij een bijzondere asceet geweest. Maar hij deed wat anders: hij erkende dat hij 'de leegte' al die tijd mogelijk verkeerd begrepen had. Dat inzicht in de leegte niet betekent dat je gebeiteld zit. Dat je dan niks meer kan overkomen. Gekwetst worden maakt net deel uit van het leven in de leegte. Omdat leegte een ander woord is voor relationaliteit, voor het feit dat de dingen bestaan uit, omstandigheden, oorzaken en gevolgen. Als je je teen stoot, zul je pijn hebben. Omdat er niet zoiets bestaat als een Ware Teen. Een teen is een kwetsbaar ding dat alleen onder bepaalde omstandigheden geen pijn heeft. Dus moet je voor die omstandigheden zorg dragen. Bijvoorbeeld door goed op te letten waar je je voeten zet. Het bestaan is leeg van een niveau waarop tenen nooit pijn kunnen hebben. Dat is de leegte. Dat draait alles helemaal om in Xuansha's zen. En daar is hij zelf zodanig van onder de indruk dat hij meteen weer naar zijn leraar stapt en hel met veel aplomb meldt: nu laat ik me niks meer wijsmaken.
Dat zou cynisch kunnen klinken. Maar later zou Xuansha bekend staan als de leraar die graag zei dat de hele wereld één schitterende parel is. Dat kun je nauwelijks een donker beeld van het bestaan noemen. Hij stopte ook niet met studeren. Hij bleef bij Xuefeng en werd later een steengoed, origineel én aardig belezen zenleraar. Xuansha's ervaring leerde hem bovenal clichés te doorprikken. Ook het zencliché van de conceptloze ervaring. Want zonder de rare leer van de leegte zou hij gewoonweg iemand zijn geweest die zijn teen had gestoten.
Voor de hele reeks, klik hier.
Als je deze teksten ook in de praktijk wil brengen, kun je deelnemen aan de online ZIT-sessies.