1 maart
Case
“De bergen zijn altijd in rust en zijn constant aan het wandelen”
(Dogen, Sansuikyo)
Kort
Zen gaat over de manier waarop we deelnemen aan de wereld
Iets langer
Tot voor heel kort bewoog zo goed als iedereen zich te voet. Dogens citaatje hierboven komt, denk ik, voort uit dat perspectief. Hij wandelende vaak in de bergen, waar zijn klooster zich bevond. Als je in de bergen wandelt, trekken zij even traag aan jou voorbij als jij aan hen. Als je in een auto over een berg trekt, raast de berg voorbij. Als in de klassieke zen natuurbeelden worden gebruikt, gaat het hele vaak over de manier waarop we in de wereld aanwezig zijn, hoe we eraan deelnemen. Het is 'de natuur' of 'de wereld' bekeken vanuit het ondergedompeld zijn in zenpraktijk. In zen is alles zenpraktijk, omdat de beoefenaar onophoudelijk beoefent, en die praktijk dus in elke waarneming wordt opgenomen. Die onophoudelijkheid geeft iets energieks, iets zingevends, én geeft een grote rust. Alles wandelt, alles is altijd in rust.
Wie in meditatie zit, lijkt ook wat op een berg, met een smalle top en een brede basis. Net zoals de aarde een berg omhoog stuwt, stuwt je brede basis je ruggengraat omhoog, tot aan de top van je hoofd. Helemaal stil én helemaal betrokken, van topt tot teen, met hart en ziel. Hoe stiller je zit, en hoe meer je je gebruikelijke reacties laat stilvallen, des te duidelijker het is dat alles beweegt, dat de berg altijd aan het wandelen is. Het leven als berg is buitengewoon ontzagwekkend.
Voor de hele reeks, klik hier.